Wat de controle laat zien
Bij een domein maakt de controle, net als een browser, een TLS-verbinding met de server en leest de certificaatketen die de server meestuurt. Per certificaat zie je:
- Onderwerp en uitgever – voor wie het certificaat is uitgegeven en welke certificaatautoriteit (CA) het heeft ondertekend.
- Geldigheid – begin- en vervaldatum, met het aantal resterende dagen.
- Subject Alternative Names (SAN) – alle domeinnamen of IP-adressen waarvoor het certificaat geldt. Browsers kijken alleen naar deze namen, niet naar de common name.
- Openbare sleutel en handtekening – bijvoorbeeld RSA 2048 of ECDSA P-256, ondertekend met SHA-256.
- Vingerafdrukken, serienummer, sleutelgebruik, OCSP- en CRL-adressen – handig voor pinning, intrekkingscontroles en audits.
De samenvatting laat ook zien of de server de volledige keten meestuurt, of de keten leidt naar een root in een standaard vertrouwensarchief, of het certificaat past bij de ingevulde hostnaam en welke TLS-versie en cipher zijn gebruikt.
Veelvoorkomende certificaatproblemen
- Verlopen certificaat. Certificaten hebben een vaste looptijd, vaak 90 dagen bij automatisch verlengde certificaten. Een verlopen certificaat geeft een paginagrote waarschuwing in de browser.
- Hostnaam komt niet overeen. De naam in de adresbalk moet in de SAN-lijst staan. Een wildcard als
*.example.com geldt voor www.example.com, maar niet voor example.com of a.b.example.com.
- Ontbrekend tussencertificaat. De server moet de tussenliggende CA-certificaten meesturen. Sommige browsers halen een ontbrekend tussencertificaat zelf op, andere niet – daardoor werkt een site soms in de ene browser wel en in de andere niet. De controle volgt de keten van het servercertificaat tot een vertrouwde root en laat precies zien welk tussencertificaat ontbreekt, met een link om het bij de CA te downloaden.
- Zelfondertekend of eigen CA. Prima voor interne systemen, maar publieke bezoekers zien een waarschuwing.
PKIoverheid- en UZI-certificaten
Certificaten van de overheid en de zorg bevatten een identiteit die gewone viewers niet tonen. De controle leest die uit:
- OIN – het organisatie-identificatienummer van 20 cijfers in het serienummer van het onderwerp van een PKIoverheid-certificaat. Je kunt het kopiëren of opzoeken in het OIN-register.
- UZI-identiteit – certificaten en passen van het UZI-register (CIBG) bevatten een subject-ID in de Subject Alternative Name: het UZI-nummer, het pastype (zorgverlenerpas, medewerkerpas of servercertificaat), het abonneenummer (URA), de rol met het beroep en de AGB-code. De meeste tools, ook OpenSSL, tonen dat alleen als “othername: unsupported”.
- OIN uit het URA – bij UZI-certificaten wordt het OIN afgeleid van het abonneenummer als 00000009 + URA + 0000, zoals het OIN-stelsel voorschrijft.
- Certificaatbeleid – een PKIoverheid-policy laat zien dat het certificaat is uitgegeven onder het Programma van Eisen van PKIoverheid.
Veel van deze certificaten leiden naar een private root van de Staat der Nederlanden die browsers niet vertrouwen. Bij server-naar-serververbindingen zoals Digikoppeling is dat normaal; de controle zegt dat erbij in plaats van alleen een onbekende root te melden.
Mailservers en andere poorten
Naast HTTPS op poort 443 kun je servers controleren die direct TLS gebruiken: mail.example.com:993 voor IMAPS, :995 voor POP3S, :465 voor SMTPS, :636 voor LDAPS, :853 voor DNS over TLS en :8443. Servers die alleen STARTTLS aanbieden op poort 25, 587 of 143 worden niet ondersteund.
Privacy en veiligheid
Certificaten zijn openbare informatie. Geplakte certificaten worden op onze server uitgelezen en niet bewaard. Privésleutels worden geweigerd: heb je ooit een privésleutel op een website geplakt, beschouw hem dan als gelekt en vervang hem. Domeincontroles maken alleen verbinding met openbare internetadressen.
Bronnen